Verslag van een EU-Ruslandconferentie in Perm, Rusland, op 15 – 16 mei 2009.

……………

 Een tijd geleden had ik mij aangemeld voor deelname aan ‘het forum voor jonge Europeanen uit Rusland en de Europese Unie’ getiteld “Europe in the XXI Century through the Eyes of Young Europeans“, georganiseerd door een organisatie die P&S heet, dat staat voor Partnership & Succes. Ik dacht, dit is iets voor mij. Ik had net de eerste versie van mijn masterscriptie ingeleverd. De scriptie gaat over de Nederlandse belangen in een voortschrijdend Europees energie- / gasbeleid. Rusland speelt daarin een belangrijke rol als aanbieder van gas en daarom was ik mij al een hele tijd aan het verdiepen in dat land. Bovendien had ik vorige jaar een extensief werkstuk geschreven voor het vak ‘Russia and the EU’, waarvoor mijn Russische professor mij destijds een 9,5 gaf![1]

Enkele weken terug kreeg ik een uitnodiging uit Rusland om daadwerkelijk naar Perm te komen voor deze rondetafelconferentie. Het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken zou mijn reiskosten vergoeden. Daarover had ik intensief contact gehad, per email en zelfs per telefoon, met een medewerker van de Nederlandse Ambassade te Moskou. Dit contact bleek heel waardevol..

Bizarre visumprocedure

Het zou mijn eerste keer in Rusland worden, ik moest dus ook voor het eerst een visum voor Rusland regelen. Dit had nog best wat voeten in de aarde. In eerste instantie vond de norse ambtenaar bij de Russische ambassade de uitnodiging die ik uit Rusland had ontvangen niet goed genoeg. Er zat namelijk geen stempel op. Ik heb toen een nieuwe uitnodiging aangevraagd. Vier werkdagen voor vertrek stond ik met deze nieuwe uitnodiging voor de Russische ambassade in Den Haag. Vanwege een technische storing stond er een lange rij visumaanvragers buiten voor de deur te wachten. Na een paar uur wachten werd iedereen gesommeerd om naar huis te gaan, want de ambassade ging sluiten. Dat was problematisch voor mij, aangezien ik een paar dagen later al moest vliegen. Ik stuurde toen een sms’je naar mijn contactpersoon bij de Nederlandse Ambassade in Moskou. Hij belde vervolgens direct de Russische Ambassade in Den Haag. Vijf minuten ging de deur van de ambassade alsnog open, een Rus riep mijn naam en minder dan een kwartier later had ik een gratis visum! (Volgens mij was het visum gratis omdat het een interculturele, academische aangelegenheid betrof. Er werd verder niets over gezegd). Grappig om te bedenken hoe ik met een sms’je over een afstand van ruwweg 2150 kilometer een deur open kreeg die niet meer dan zeven meter van mij verwijderd was.

De reis

Op woensdag 13 mei jongsleden ben ik op reis gegaan. Van de luchthaven van Dusseldorf vloog ik naar Moskou Sheremetyevo International Airport met de Russische luchtvaartmaatschappij Aeroflot. De paspoortcontrole in Moskou was rommelig en langdradig. Om vervolgens over te stappen op een binnenlandse vlucht bleek ook nog best lastig. Terminal 1 van het vliegveld (vanwaar binnenlandse vluchten plaatsvinden) lag een heel eind weg van Terminal 2, waar ik net geland was.

Toen ik naar buiten liep – op zoek naar transport – bood een leger taxichauffeurs hun diensten aan. Voor ‘slechts €128’ wilden ze me naar die andere terminal brengen! Toen ik kenbaar maakte dat ik toch echt Malle Pietje niet ben en terug het gebouw binnenliep zei een taxichauffeur nog snel “special student price: only €80”! Daar trapte ik natuurlijk ook niet in. Na even rondvragen bleek er nota bene ook een gratis bus naar Terminal 1 te gaan.

Rond 5:30 in de ochtend kwam ik aan op het vliegveld van Perm. Daar werd ik opgewacht door een Russische dame met een bordje met mijn naam erop.

Op donderdag 14 mei heb ik enkele andere deelnemers en Meneer Klimov ontmoet in het hotel. We bespraken de gang van zaken en hebben daarna de stad bezocht.

De conferentie

Het forum was voor jonge, veelbelovende mensen uit Rusland en de EU. Ongeveer tweederde van de 33 deelnemers kwam uit de Europese Unie. Opvallend was wel dat de meesten van hen de Russische taal machtig waren. Een aantal studeren momenteel in Moskou. Er was ook iemand werkzaam op een ambassade in Moskou en weer een ander werkte voor een internationale organisatie in Sint Petersburg. De Russen waren veelal afkomstig uit Moskou en Perm. De deelnemers waren in ieder geval stuk voor stuk mensen die wat te vertellen hadden. 

Vrijdag 15 mei 2009 begon het dan. Het forum vond plaats in hetzelfde hotel als waar ik overnachtte. De officiële talen waren Engels en Russisch. Alles wat tijdens de plenaire zittingen werd gezegd werd simultaan vertaald in het Russisch of in het Engels via koptelefoontjes. Het begon met inleidende speeches van Andrey Klimov (Voorzitter van het ‘Russia – EU Parliamentary Cooperation Committee’) en Reino Paasilinna (lid van het Europees Parlement). Daarnaast waren er mensen van verschillende ambassades aanwezig en de heer Georgios Tsitsopoulos, lid van de Delegatie van de Europese Commissie in de Russische Federatie.  

Allereerst werden de gemeenschappelijke waarden en belangen van de EU en Rusland benadrukt. Als er werd gesproken over ‘Europa’, dan bedoelde men het Europese continent, dat zich uitstrekt van de Oeral (Perm ligt tegen dit gebergte aan en is derhalve de meest oostelijke stad van Europa) tot de Atlantische Oceaan. Er volgde een algemene discussie over zaken die spelen in Europa en de relatie tussen de EU en Rusland, met oog op de toekomst (tot ongeveer 20-30 jaar vanaf nu). Onder meer de economie, energie, visa, veiligheid en de relatie tussen de NAVO en Rusland werden besproken. Na de lunch gingen de discussies verder in groepen. De groepsdiscussies waren voornamelijk in het Engels. Er was een Russische tolk aanwezig. Groep 1 hield zich bezig met veiligheid (security) in brede zin, groep 2 besprak economische en financiële zaken en groep 3 besprak sociale, humanitaire en overige zaken. Zoals te begrijpen was er veel overlap qua onderwerpen. Ik zat in groep 1. Ik participeerde in de discussies en was tevens een van de ‘reporters’. Dat wil zeggen, ik maakte aantekeningen van de groepsdiscussie waarmee we naderhand een verslag maakten. 

Een aantal zaken die in deze (zeer brede) groepsdiscussie aan de orde kwamen: 

  • Energievoorzieningszekerheid (Energy security) was een onderwerp dat in groep 1 aan de orde kwam. Zelf bracht ik onder meer ratificatie van het Energiehandvest (Energy Charter) en Transit Protocol door Rusland aan de orde en ik pleitte voor minder gebruik van politieke drukmiddelen in energie/gashandel. Als voormalig stagiair bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken had ik namelijk veel mee te maken gehad met deze onderwerpen.
  • Wat betreft de rol van de NAVO werd gesteld dat deze hervormd zou kunnen worden en beter moet samenwerken met het veiligheidssysteem van Rusland voor wat betreft gemeenschappelijke dreigingen, zoals terrorisme. Het was niet praktisch om twee totaal langs elkaar opererende veiligheidsallianties te hebben. De Russen ervaren de NAVO opvallend genoeg nog steeds als vijandig ten opzichte van Rusland. Er waren zelfs Russen die vonden dat de NAVO opgeheven moest worden. Van de EU-kant werd aangegeven dat dit niet wenselijk is. ‘Wat de NAVO heeft opgebouwd in 60 jaar, mag niet opeens afgebroken worden’.
  • Tenslotte werd er gesproken over wijziging van het visumvereiste, ook al viel dit onderwerp een beetje buiten de lijn van de discussie. Men was het er over eens dat het krijgen van een toeristenvisum voor Rusland op korte termijn makkelijker moet kunnen. Zeker in het geval van een tweede (of meerder) bezoek en waarbij het eerste bezoek zonder problemen was verlopen. Aangegeven werd dat het voor Russen nog veel moeilijker was om de EU legaal binnen te komen. Erkend werd dat biometrische paspoorten zouden kunnen helpen om de bureaucratische rompslomp (zoals de veelvoud aan documenten die men moet tonen) te verminderen. Het verkeer van studenten en afgestudeerden van Rusland naar de EU en omgekeerd, moest ook beter geregeld worden. Daarvoor is het nodig om onderwijsnormen meer gelijk te trekken. Maar dat is wellicht lastiger gezegd dan gedaan.

De volgende dag, zaterdag 16 mei 2009, vond de afsluitende plenaire sessie alweer plaats. Deze verliep een beetje rommelig. Er werd een conceptversie van de ‘Final Report’ gepresenteerd. Dit was samengesteld door de ‘redactionele groep’ uit de verslagen van de drie discussiegroepen en de brieven die elke deelnemer een week eerder naar de organisatie gestuurd hadden. Een complexe taak dus. Meteen na het uitdelen van de conceptversie werd het publiek geacht kritiekpunten aan te leveren die meteen verwerkt zouden moeten worden in de Final Report. Eigenaardig was dat de deelnemers niet de kans kregen om het gehele stuk zorgvuldig door te nemen en te bespreken met elkaar. Er was bijvoorbeeld een jongeman uit Oostenrijker -die voorzitter was van een internationale organisatie in Sint Petersburg- die in zijn groepsdiscussie (groep 2) en zijn brief herhaaldelijk had verteld hoe het grensoverschrijdende zakelijke verkeer voor SME’s (Small and Medium-sized Enterprises) veel beter kon. Hij zag dit totaal niet terug in het stuk en moest terplekke, tijdens de plenaire slotsessie, een passend voorstel in het kort formuleren. Er werd verder ook geen één keer gestemd.  

Er was veel kritiek op deze gang van zaken. Ik was een van de personen die dit probleem aan de orde stelde. Maar er werd niet adequaat op gereageerd door de organisatie, zogenaamd vanwege tijdgebrek.[2] Dit ervoer ik als een een vrij groot minpunt van de conferentie. Ook hetgeen er was besproken in mijn groep (groep 1) zag ik niet helder terug in de conceptversie. Er was bijvoorbeeld een punt over kernwapens. In de conceptversie stond dat alle kernwapens ‘tussen de Oeral en de Atlantische Oceaan’ moeten worden ontmanteld. Vervolgens ontstond er in discussie over deze manier van formuleren. Deze formulering kwam namelijk niet voort uit de discussiegroep over Veiligheid. Er was sowieso weinig gezegd over kernwapens, laat staan zo’n verregaande maatregel. Daardoor voelde ik mij genoodzaakt om alsnog de discussie te voeren. Ik zei dat een meer pragmatische houding ten opzichte van kernwapens wellicht gepaster was dan op dit moment voor idealisme te kiezen. Ik zei zelfs iets stelligs als ‘idealisms are something of the past. Let’s be realistic for a change.’ Dit met het oog op de onzekere toekomstige veiligheidssituatie met betrekking tot instabiele staten die kernwapens hebben of (kunnen) ontwikkelen. De organisatie was niet gelukkig met het debat. Je was immers voor of tegen kernwapens. Ik kreeg sterk de indruk dat een van de doelen van deze bijeenkomst slechts was om een duidelijke stem van ‘jonge Europeanen’ tegen kernwapens te krijgen, zonder al te veel gezeur. Het was dus wellicht een beetje een façade.

Voor een nieuwsreportage over dit evenement, waarin twee deelnemers via een rechtstreekse verbinding aan het woord komen, klik hierop

Na afloop  

Er volgde een mooie groepsfoto op het afzichtelijke voorportaal van het hotel. Daarna was er een  indrukwekkend cultureel programma georganiseerd met een rondrit per bus door de stad, uitstapjes naar monumenten en bezoekjes aan musea. In de avond gingen we naar de opera. Er speelde een bewerking van het beroemde boek De Goelagarchipel van Solzjenitsy over het keiharde leven in Sovjetwerkkampen. 

De volgende dag ben ik met een Russische en een Tsjech nog naar verschillende bijzondere plekken in de stad geweest. Al met al was het voor mij persoonlijk een zeer speciale belevenis. In de vier dagen dat ik in Rusland was, heb ik veel gezien en beleefd. Ik heb uitzonderlijke mensen ontmoet uit Rusland en de EU. Vooral tijdens de maaltijden, de uitstapjes en iedere avond bij het uitgaan, heb ik onvergetelijke gesprekken gevoerd. Ik ben bovendien goed bijgespijkerd over de politiek, de cultuur en de geschiedenis van Rusland en Perm.

Voor een sociaal verslag inclusief een korte film die ik gemaakt heb over deze dagen, klikt u hierop.

Met
vriendelijke groet / С наилучшими пожеланиями,

mr. Sijmen Groot.

Email: saagroot@gmail.com

Internet: Sijmster.nl


[1]Dit, en een ander werkstuk dat ik voor mijn master schreef, kunt u hier (klik) vinden:  

Update: voor mijn eindscriptie kreeg ik een 8 en die is inmidddels gepubliceerd, ISBN 978-3-8843-1327-7. Ik ben nu naast Meester in de Rechtsgeleerdheid ook Master of Arts. 

[2] Ik heb later in een evaluatiebrief aan de organisatie deze kritiek wederom kenbaar gemaakt, maar met tevens een dankwoord aan de verder uitstekende organisatie.